Bouizakarne 31-01-2026, zaterdag
Wat een drukte gisterenavond voor onze parking in Tiznit, (overnachting 50 Mad) zo tegen de schemering, massa’s mensen deden mee aan de pantoffelparade. Het is zien en gezien worden, bijkletsen met bekenden, een heel gezellige bedoening. Wat ook druk was was het verkeer, dat ging nog door totdat we naar bed gingen om 23.30 uur. Everdien doet altijd ohropax in beide oren in een lawaaierige omgeving, ik vond dat altijd in één oor voldoende , je andere oor ligt op het kussen, dat dempt toch?
Ik heb, toen we in bed lagen en het verkeer nog hoorde, toch een 2e ohropax ingedaan, Everdien had gelijk, ik hoorde het verkeer nauwelijks meer en viel in slaap, slechts onderbroken door de gebruikelijke plaspauze en werd pas wakker om 6.45 uur door de oproep van de muezzin, de azan. Daar sliep Everdien doorheen, dat terwijl de moskee op 150 m afstand staat. Dus goed geslapen tegen de verwachtingen van gisteren in , er hadden 5 campers overnacht , tot zover de huishoudelijke mededelingen.
Onderweg van Tiznit naar Guelmim, via een mooie nieuwe weg. DE weg naar de NI werd piste
Het was vanmorgen bewolkt, toen Everdien nog in bed lag heb ik even geaarzeld of we toch niet naar Sidi Ifni zouden gaan ipv van Bouizakarne ( windverwachting), Ifni vinden we ook een leuke stad. Bouizakarne , de camping daar is een ander verhaal, die ligt in de middle of nowhere en ik had gebeld en er is nog plaats, in Sidi Ifni is het ook al zo druk op de campings. Dus de aarzelingen pas later in de camper gedeeld met Everdien toen we al op weg waren naar Bouizakarne maar die vond het prima dat we doorreden. Mogelijk dat we over een paar dagen nog doorreizen naar Icht alvorens naar Tafraout te gaan.
Goed gemutst ,want lekker geslapen, gingen we op pad, er was zowaar een nieuwe weg van Tiznit naar Guelmim , een hele mooie 4 baans weg, tolvrij. Er hing al wat mist in de bergen en helaas werd het hoe langer hoe mistiger, het mooie landschap zodoende aan ons oog onttrokken.. We konden naar Guelmim via de nieuwe weg en dan terug naar Bouzikarne , dat zou een omweg zijn. Maar er was ook een verbindingsweg naar de NI, dat is een stuk korter, die kozen we. Het was nog geen 15 km naar de NI, gelukkig asfalt zei Everdien maar toen we een dorp gepasseerd waren werd het piste. Toen was het nog maar een km of 5 naar de NI, maar de mist was dichter geworden en dan zijn er nog idioten die opdoemen op de piste en je zonder licht tegemoet rijden. Op 2 plaatsen was een omleiding, de weg was weggeslagen, we moesten door grote kuilen met water waarvan je je afvroeg hoe diep die waren, maar het ging goed, modder kun je er afwassen.
De afdaling van de Anti Atlas
Uiteindelijk op de NI aangekomen , zei Everdien dat ze wel bang was geweest, gelukkig gedroeg zich dapper zonder te piepen.
We daalden de laatste col af van de Anti Atlas naar Bouizakarne , via 5 km haarspeldbochten, naar het dorp . Dat was een mooie afdaling, de weg was ook goed en breed met zelfs een uitkijkpunt. Bouizakarne vinden we een heerlijk boerendorp, lekker rommelig ook, er staan nog oude vrachtwagens als in een soort openluchtmuseum en mensen uit de omgeving komen met de bus en grand taxi’s om inkopen te doen. Er zitten bij een rotonde groenteboeren met hun handelswaar onder lappen met houten stokken, zo was het vroeger ook ook op het Djemaa el Fna plein in Marrakech. De slagers aan de andere kant van de weg zitten al wel in winkeltjes . We kochten nog brood en 5 liter water, het winkeltje was tegelijkertijd eetgelegenheid , boeren jong en oud doopten afgescheurde stukken brood in de olijfolie. Als je ze smakelijk eten wenst zie je hun vaak mooie koppen, gehard en gelooid lijkt het wel door de wind die hier vaak waait. Zoals ook vandaag, voor ons helaas.
Het dorp Bouizakarne
Een 500m piste over en we staan op de kleine familiecamping omringd door bergen van de Anti Atlas , van de hele aardige beheerder Lahcen. We kennen Lahcen nog uit 2010 toen hij gardien was op de vervallen camping municipale midden in het dorp. Niet lang daarna is hij een camping 2 km buiten het dorp gaan opzetten, de andere camping was toen gesloten.
Lahcen was de vorige keer, al weer een paar jaar geleden toen we op deze camping waren, heel erg ziek volgens de familie, hij lag in het ziekenhuis, hij was altijd tenger op het magere af. We dachten dat hij inmiddels was overleden maar hij zag er nu veel beter uit als ooit tevoren. Nu nog een bezoekje aan de tandarts en het is pico bello, maar omdat er veel mensen hier 1 of meerdere tanden missen is het ook niet erg vreemd of storend. We vroegen ons af of hij ons in eerste instantie nog herkende maar toen we de naam noemden van een gemeenschappelijke kennis vloog hij ons om de hals.
De camping is wat opgeknapt , er is nu een gebouwtje, multifunctioneel , want het doet dienst zowel als receptie als mede restaurant en ontmoetingsruimte . Verder is het nog licht rommelig op de camping , niets Marokkaans is Lahcen vreemd. Dat losse snoertje hier en wat stukken leidingen daar, dat heeft ook wel zijn charme, er is één douche en één voor gehandicapten, de watertoren stroomt nog steeds af en toe over. En als er een paar mensen tegelijk afwassen en water tappen, heb je een pisstraaltje als je de cassette wilt schoonspoelen.
Toen we ons vanmiddag wilden laten inschrijven zagen we niemand maar het bleek dat de hele familie lag te slapen, 2 mensen achter de ‘receptiebalie annex bar en Lahcen himself in het restaurant, Everdien zag een kopje tussen de stapels dekens op de kussens langs de muur omhoog komen. Een heerlijke gemoedelijke sfeer heerst hier.
Minder gemoedelijk was de wind, die was in de middag best venijnig hard met windstoten tot 75 km p/h. Het was echter heel zonnig en 22º, we hebben in de luwte van de camper kunne. zitten. Van wandelen kwam echter niets met die wind.